Kattenkrabziekte uitgelegd: feiten die je niet mag missen
Kattenkrabziekte is een zoönose: een ziekte die van dieren op mensen kan worden overgedragen. Door je kat gezond te houden, zoals met goede vlooien- en andere parasietenbestrijding, bescherm je niet alleen je huisdier, maar ook jezelf en je gezin!
In dit artikel nemen we kattenkrabziekte onder de loep:
- Wat is het precies?
- Hoe raak je besmet en welke klachten kun je krijgen?
- Wie loopt risico op kattenkrabziekte?
- Kunnen katten zelf ziek worden van kattenkrabziekte?
- En vooral: hoe voorkom je het?
Lees verder en ontdek hoe je met een paar simpele stappen zowel je kat als jezelf gezond houdt.
Wat is kattenkrabziekte?
Kattenkrabziekte wordt veroorzaakt door de bacterie Bartonella henselae. Deze bacterie leeft in het bloed van sommige katten en kan via een krab van de kat op mensen worden overgedragen. Bij gezonde mensen is de ziekte meestal mild en gaat deze vanzelf over, maar bij mensen met een verminderde weerstand kan deze ernstig verlopen.
Hoe raken katten en mensen besmet?
- Katten krijgen de Bartonella bacterie via vlooien. De bacterie kan in de vlo en in vlooienpoep overleven; die poep komt bij het krabben onder de nagels van de kat en zo kan de bacterie zich verder verspreiden. Katten zijn vaak drager zonder klachten.
- Mensen worden besmet door een krab wanneer de nagels van een geïnfecteerde kat besmet zijn met vlooienpoep. Besmetting van mens op mens gebeurt gelukkig niet. Of een rechtstreekse vlooienbeet op de mens kan leiden tot kattenkrabziekte is niet bewezen.
Wist je dat… in Nederland ongeveer 22% van de katten Bartonella in het bloed kan hebben en rond 50% ooit met de bacterie in aanraking is geweest?1
Wie loopt risico op kattenkrabziekte?
Iedereen die in contact komt met katten kan in principe besmet raken. Kinderen en jongvolwassenen lopen meestal een grotere kans op het krijgen van kattenkrabziekte. Ook zien we de ziekte vaker bij eigenaren van jonge katten (jonger dan 1 jaar), aangezien die tijdens het spelen vaker geneigd zijn om de nagels te gebruiken.
Kattenkrabziekte: hoe een klein krasje grote gevolgen kan hebben
Kattenkrabziekte begint vaak heel onschuldig. Je krijgt een klein krasje van een kat en denkt er niet meer aan. Na een paar dagen verschijnt er op die plek een klein bultje of blaasje. Soms valt het nauwelijks op. Na een week of twee kunnen je lymfeklieren dik en pijnlijk worden. Je kunt je wat moe voelen, hoofdpijn krijgen of lichte koorts hebben. Deze klachten kunnen weken tot zelfs maanden aanhouden, maar verdwijnen meestal vanzelf.
Bij mensen met een verminderde weerstand kan de ziekte veel ernstiger verlopen. In zeldzame gevallen kan het bijvoorbeeld leiden tot ontstekingen in organen zoals de lever of het hart.
Kunnen katten zelf ziek worden van kattenkrabziekte?
De meeste katten merken er zelf helemaal niets van. Ze lopen vrolijk rond, spelen en eten alsof er niets aan de hand is.
Bij katten met een zwakkere afweer kan de ziekte serieuzer worden. Je kunt dan bijvoorbeeld ontstoken tandvlees zien, een oogontsteking of zelfs problemen met het hart, zoals een ontsteking van de hartkleppen. Gelukkig komt dat niet vaak voor.
Hoe voorkom je kattenkrabziekte?
Een krab van je kat lijkt dus onschuldig, maar kan soms vervelende gevolgen hebben. Gelukkig kun je met een paar simpele gewoontes het risico flink verkleinen. Hieronder vind je praktische do’s & don’ts om jezelf én je kat gezond te houden:
Do's
-
Zorg voor een goede parasietenbestrijding, het hele jaar door. Vraag je dierenarts welk middel het beste is voor jouw kat.
-
Knip de nagels van je kat regelmatig, of vraag je dierenarts om hulp.
-
Reinig elke wond direct met water en zeep en vraag zo nodig medisch advies.
-
Leer kinderen om rustig met katten te spelen en het meteen aan je te vertellen als ze gekrabt zijn. Hou als ouder altijd een oogje in het zeil als jonge kinderen bij katten in de buurt zijn.
-
Mensen met een verminderde weerstand kunnen het beste een kat ouder dan 1 jaar in huis nemen, die gezond, vlo-vrij en niet afkomstig is uit een asiel of een huishouden met veel katten.
-
Twijfel je? Bel altijd je huisarts of dierenarts – liever één keer te veel dan te laat.
Don’ts
-
Vermijd ruwe spelletjes die krabben kunnen uitlokken.
-
Wacht niet met het schoonmaken van een kattenkrab, maar doe dit meteen.
Heb je zelf een verminderde weerstand? Wees dan voorzichtig of vermijd het contact met (jonge, speelse) katten helemaal.
Twijfel je over de gezondheid van jouw hond? Neem dan altijd contact op met een dierenarts.
-
- Bergmans AM et al. (1997). Prevalence of Bartonella species in domestic cats in The Netherlands. Journal of Clinical Microbiology.